OCW: Profileringsfonds

7 juni 2013

Geachte Lezer,

Vanuit de Landelijke kamer van Verenigingen (LKvV) kreeg ik het verzoek om een stuk te schrijven vanuit mijn ervaring als student. Nu is het zo dat ik dit jaar eigenlijk helemaal geen student ben. Ik heb namelijk mijn Master Economics aan de Universiteit van Amsterdam met een jaar uitgesteld om een fulltime bestuur te draaien bij mijn studentenvereniging (L.A.N.X.). Als penningmeester ben ik verantwoordelijk voor de financiële administratie van een vereniging van ruim 800 leden. Tevens heb ik veel contact met bedrijven over acquisitie en sponsoring van L.A.N.X.

Wat zijn nou de financiële consequenties als je een bestuursjaar gaat draaien? Het gros van mijn medebestuursleden heeft zich uitgeschreven bij de universiteit en heeft daardoor geen recht meer op studiefinanciering. Ook is het door de hoge werkdruk (gemiddeld 60 uur/week) niet mogelijk om veel bij te verdienen tijdens het jaar.

Gelukkig hebben alle universiteiten in Nederland een profileringsfonds om studenten die studievertraging oplopen tegemoet te komen. Het idee achter dit fonds is dat studenten die door ziekte- of familieomstandigheden, maar ook studenten die zich naast hun studie inzetten door middel van bestuurswerk, ondersteund worden. Dit fonds staat echter onder grote druk. Door de bezuinigingen in het hoger onderwijs gaat er ook minder naar de profileringsfondsen van de universiteiten. Dit is mijns inziens een zeer zorgelijke ontwikkeling.

Universiteiten dienen hun studenten namelijk zo goed mogelijk voor te bereiden op het werkzame bestaan. Daarvoor heb je een breed scala aan vaardigheden nodig die niet alleen in de collegebanken worden opgedaan. Het opdoen van bestuurservaring bij een studie- of studentenvereniging is daar een voorbeeld van. Nu de onderwijsinstellingen zo bezuinigen op hun profileringsfonds komt de financiële tegemoetkoming voor besturen in het geding. Dit heeft tot gevolg dat studenten die een fulltime bestuur doen, ineens niet meer in aanmerking komen voor een bestuursbeurs. Hierdoor zien studentenbesturen zich genoodzaakt het aantal bestuursfuncties binnen een vereniging naar beneden te schroeven, of zijn alleen studenten met een rijke achtergrond nog in staat zo’n bestuursjaar te draaien.

Daarnaast is het ook nog eens zo dat de bestedingen van universiteiten aan het profileringsfonds sterk van elkaar verschillen. Waar de Universiteit Wageningen 0.69% van hun totale begroting vrijmaakt voor het fonds, trekt de Universiteit Utrecht maar 0.13% uit hiervoor. Hierdoor zie je dat de regeling omtrent het uitkeren van bestuurbeurzen zeer sterk verschilt in elke studentenstad. Ik snap uiteraard dat het profileringsfonds bedoeld is om je als onderwijsinstelling te onderscheiden en de nadruk te leggen op wat je als instelling belangrijk vindt. Maar zou het niet een stuk eerlijker als alle studenten in Nederland in ieder geval hetzelfde budget tot hun beschikking hebben?

Daarom denk ik dat er misschien wel een sturende rol vanuit de overheid noodzakelijk is om ook in de toekomst studenten die zich in commissies en besturen willen ontplooien, financieel te ondersteunen. Niet alleen voor de ontwikkelingen van studenten is dit belangrijk, ook voor de continuïteit van de vele organen, studie- en studentenvereniging is dit van grote importantie.

Simon Capel