Generatiekloof

17 mei 2013

Shit, daar is de bus al. Snel even een sprintje trekken, en ik kan nog net naar binnen schieten door een deur die op het punt staat dicht te gaan. Eén van die dagen dat het OV opeens mee zit, dat moet je koesteren. Gelukkig plof ik neer op een bank, tegenover een oude vriendelijk ogende man. Ik kom net uit Wageningen, en ben op weg terug naar Rotterdam.

Weemoedig kijkt hij me aan. Hij vraagt of ik student ben. Ik denk dat een naar-bier-stinkend 3-delig pak met das me heeft verraden. Instemmend beantwoord ik zijn vraag, waarna zijn ogen beginnen te glunderen. ‘Ik ben ook student geweest, jongen’. ‘Het was de mooiste tijd van mijn leven’. Vol overgave begint hij te vertellen over zijn studententijd. Dit wordt nog een leuke busrit denk ik bij mezelf.

‘Ik studeerde geschiedenis in Leiden in de jaren 60’, vervolgt hij. ‘Ik woonde in huis met 12 man, het was fantastisch. Ik heb het in 8 jaar afgerond, dus dat was best netjes voor die tijd’. ‘Dat is tegenwoordig wel anders’ antwoord ik. ‘Ik doe straks in totaal 6 jaar over mijn studie, inclusief een bestuursjaar, en dat is al heel lang’. ‘Ja, ’wat een onzin is dat’, gaat de man verder. ‘Juist nu moet je ontwikkelen, vrienden maken, op jezelf leren wonen, volwassen worden en dingen naast je studie kunnen doen’.

‘Dat doe ik ook wel hoor, maar ik ben benieuwd of dat in de toekomst nog wel zo kan als nu’. ‘De studie financiering wordt afgeschaft, de OV kaart wordt misschien omgezet naar een trajectkaart, en universiteiten krijgen de mogelijkheid het bindend studie advies uit te breiden.’ ‘Zo gaat dat hè’, antwoordt de man. ‘Het moet allemaal maar sneller en efficiënter, terwijl de mensen die dat opleggen zelf van alle voordelen hebben kunnen genieten’. ‘Er zit veel verschil tussen mijn generatie en jouw generatie, jongen.’ ‘Ik hoop maar dat je straks een baan kunt vinden en een huis kunt kopen, want dat komt er ook nog eens bij na je studie.’
Ik word er even stil van. Die man heeft wel gelijk zeg.

Even later stap ik de bus uit, nog denkend aan het gesprek. Deze generatiekloof is erger dan ik dacht. Tijden veranderen, maar de hevigheid hiervan dringt nu pas tot me door. Hoe zullen mijn kinderen straks studeren? Zullen ze op Aziatische wijze alleen maar keihard studeren, of leren ze daarnaast ook hun talenten ontwikkelen? Mijn goede stemming slaat om in weemoedigheid.

Hebben we het dan zo zwaar? Nee, dat niet. Maar is het eerlijk? Nee, dat ook niet.

Onderweg naar de trein kom ik een groepje middelbare scholieren tegen, vrolijk lachend en schreeuwend, en dan raakt het me: Wordt de rekening van de crisis dan echt vooral bij de jongeren gelegd?

Rick van Dorp
Quaestor Landelijke Kamer van Verenigingen